Peper en zuur

Ben je ooit rond lunchtijd in de Amsterdamse Poort geweest? Voor heel eventjes denk ik iedere keer weer dat ik me in een ander deel van het land begeef. De gehele wandelroute van het station tot aan het Anton de komplein wordt overgenomen door een koele bries aan mantelpakken en stropdassen. Ellenlange rijen in de eetzaakjes. Dit is nu ook onderdeel van Zuidoost. Diversiteit in meerdere gradaties. Weten al deze forenzen trouwens dat er enkele ongeschreven regels zijn wat betreft de eetgewoontes?

“Een rotirol met peper” zei hij vol overtuiging tegen de medewerker. Deze man weet wel wat lekker is. Als je er dan achter komt dat hij het bij de toko heeft gehaald waar men snel naar binnen gaat voor een sigaretje of biertje, slaan de twijfels al gauw toe. Dit doe je niet! Dit is net zo buitenaards als rijst met bruine bonen bestellen bij ‘Kam Yin’. Alleen in dit geval is het toegestaan om in hokjes te denken. Een roti met toespijs haal je alleen bij een Hindoestaan, een saoto bij een Javaan, gron of oso nyan bij een Afro-Surinamer. Het is eigenlijk best raar. Ik ga er namelijk bij voorbaat al van uit dat het niet te vreten is als het plaatje niet klopt. Ik zou sowieso de bovengenoemde persoon nooit kunnen vertrouwen op zijn woord. Wat weet Willem uit Zwanenburg nou over de smaakverhouding van een her’ heri? Ik ben niet snel bevooroordeeld, maar in dit geval wel.

Helaas ben ik een slaaf van deze ongeschreven regels. Ik heb het zelfs zo sterk dat ik een tijd terug uit een zaak ben weggelopen. Ik had me laten wijs maken dat er ergens in een gehucht een goede eettent zat. Ik had trek. Ik was bereid om een gok te wagen. Huiverig reed ik die kant op. Ik gluurde bij aankomst naar binnen om te zien wie er achter de balie stond. Javanen! Ik bestelde een broodje tempeh. Dit leek mij wel zo veilig. “Peper en zuur?” vroeg de medewerker. Als een volwaardig kind van mijn moeder hield ik de medewerker nauwlettend in de gaten. Tot mijn verbazing zag ik een lepel in een potje sambal oelek glijden. Ik kreeg onmiddellijk kortsluiting. Ik gaf aan dat ik mijn portemonnee in de auto was vergeten.

Op de een of andere manier hebben de meest vage plekken een zaakje met een Surinaamse keuken. De Surinaamse vlag zie je dan prominent aanwezig op de voorgevel. Ik weet niet wie ze voor de gek willen houden, maar de geruchten doen de ronde dat ze nog steeds op mij aan het wachten zijn om het broodje tempeh af te rekenen.

 

Darryl Veldman

Geef een reactie