Rodney Glunder: ‘’Ik mag God danken dat ik nooit aan de drugs heb gezeten.’’

De 43-jarige Rodney Glunder beoefende nationaal en internationaal de vechtsport. Tegenwoordig past hij de geleerde lessen uit zijn sportcarrière toe als acteur en trainer. “Alles kan, maar je moet er wel hard voor werken.”

Nadat zijn moeder overleed, trok de 12-jarige Rodney in bij zijn vader en zusje in Hakvoort. Als tiener kwam de toekomstige topsporter terecht in een wereld vol junks, dealers en schietpartijen. “Ik mag God danken dat ik nooit aan de drugs heb gezeten, maar ik heb wel kattenkwaad uitgehaald.” Ondertussen bleef Rodney zich inzetten voor school en ontdekte bij zijn stageplek een videotheek met films waarin vechters zoals Rob Kaman en Billy Blanks schitterden. Video’s van boksgala’s met Lucien Carbin, André Brilleman, Rik van der Vathorst fascineerden Rodney. “Ik was zo onder de indruk dat ik die videobanden nooit meer heb teruggebracht.”

Ghetto-mentaliteit
Voordat de vechtsport een groot onderdeel van zijn leven werd, leidde zijn criminele levensstijl tot plaatsing in jeugdgevangenis ‘t Nieuwe Lloyd. Tijdens een thaiboks-clinic van Cor Marengo kon hij de sport voor het eerst zelf beoefenen. Na zijn vrijlating meldde hij zich dan ook bij de sportschool van Cor en mede-eigenaren Paul en Vincent Pengel: Sidyodtong. “Het moment dat ik aangaf dat ik wilde vechten, moest ik elke dag trainen. Toentertijd waren er geen uitgebreide trainings- en dieetschema’s. Het was ‘ghetto’-stijl: keihard trainen en ervoor zorgen dat je op een bepaald wedstrijdgewicht kwam. Hoe maakte niet uit.”

Rodneys enige doel was om op het juiste pad te blijven. Zijn trainers moedigde hem aan om deel te nemen aan wedstrijden. “Ik leefde al in de sportschool en was gemotiveerd. Na het winnen van één titel wilde ik meer.” Hij begon te trainen bij kampioenen-kweker Lucien Carbin. Sindsdien heeft hij 17 titels op zijn naam staan en is hij meervoudig Europees en wereldkampioen met specialisaties in verschillende disciplines: karate, Muay Thai kickboksen, MMA (mixed martial arts) en worstelen. Dit stokje geeft hij tegenwoordiger door zijn zoon Massaro Glunder die in zijn voetsporen treedt als wereldkampioen kickboksen.

Trots
De vechtsport betekende een ommekeer in het leven van Rodney. “Het heeft me gevormd tot de man die ik vandaag ben.” In die vijfentwintig jaar tijd leerde hij over het belang van doorzettingsvermogen, geloof in eigen kunnen en de wil om nooit op te geven. “Alles is mogelijk als je er maar hard voor werkt. Uiteindelijk is het allerbelangrijkste dat ik elke dag mag opstaan, familie om me heen heb, gelukkig ben en kan doen wat ik wil. Sport heeft me daarbij geholpen en daar ben ik trots op.” Dit werd benadrukt toen hij zich inzette voor jongeren met een gedragsstoornis bij het Leger des Heils. Deze jongeren herinnerde hem aan zijn roerige jeugd. “Maar met de juiste hulp kun je iets van je leven maken.” Tegenwoordig geeft de vechter zaktraining en kickbokstraining op verschillende sportscholen. Hierbij gaat hij geen doelgroep uit de weg: volwassenen, jongeren en binnenkort ook kinderen met autisme. Daarnaast is hij actief in de filmwereld, zowel op de planken als voor de camera, en host hij de webradioshow Glunderen met Glunder. “Elke mogelijkheid in mijn leven waarbij ik mezelf kan verrijken, pak ik aan.”

Vol gas
Zijn doel is om meer mensen te motiveren en inspireren om hun dromen na te jagen en is ervan overtuigd dat ook iemand aan de top altijd moet blijven openstaan om te leren. “Je moet je nooit te groot voelen voor iets of iemand. Mensen die vaak naast hun schoenen lopen, glijden snel uit.” Het is volgens het multitalent daarom ook belangrijk om respectvol te zijn naar de naaste omgeving. “Welk pad je ook bewandelt, iedereen die energie steekt in jouw groei verdient jouw respect.”

Door Raksha Hoost

Geef een reactie