Virgil Tevreden: ‘‘Jongeren leven in de wereld van internet.’’

Virgil Tevreden (33), oprichter van de stichting Jongeren Die Het Kunnen, is geboren en getogen in de K-buurt van Amsterdam Zuidoost. Als een ‘moeilijke jongen’ tijdens het opgroeien, weet hij als geen ander hoe jongeren met gedragsproblemen geholpen kunnen worden. Sinds enkele jaren zet Virgil met zijn stichting Jongeren Die Het Kunnen (JDK) zich maatschappelijk in om de jongeren in Zuidoost te ondersteunen. 

Door negatieve ervaringen als kleine jongen, wist Virgil op jonge leeftijd al dat hij met jongeren wilden werken. De omgang met zijn buurjongen met gedragsproblemen, die als een broer voor hem was, vergrootte de drang alleen maar om te werken met moeilijke jongeren. Hedendaags heeft Virgil zijn plannen waargemaakt en helpt hij jongeren met een (licht) verstandelijke beperking en/of gedragsproblemen. Door naschoolse- en sociale activiteiten te organiseren helpt JDK om jongeren hun kwaliteiten positief te laten ervaren. Volgens JDK is elk kind uniek en verdient elk kind daarom ook unieke ondersteuning.

Negatief zelfbeeld
Opgroeien en naar school gaan in Zuidoost was niet altijd even makkelijk voor Virgil. Hij vertelt: ‘‘Op de basisschool had ik een docent die nare dingen tegen mij zei. Zo kon ik volgens de leerkracht niet leren en zou ik het niet redden in de maatschappij. Door de dingen die aan mij verteld werden ontwikkelde ik een negatief zelfbeeld.’’ Een negatief zelfbeeld kan een nadelig effect hebben op het dagelijks leven, zo kunnen jongeren met een negatief zelfbeeld problemen ervaren bij hun studie.

Gelukkig werd het negatief zelfbeeld van Virgil hersteld door het IMC Weekendschool. Als eerste lichting van de weekendschool heeft Virgil optimaal kunnen profiteren van de lessen en zich positief kunnen ontwikkelen. Virgil: ‘‘We werden elk weekend in contact gebracht met professionals van verschillende werkvelden. We mochten elk weekend een ander beroep uitoefenen, van advocaat tot rechter en van piloot tot chirurg. Het uitoefenen van de beroepen hielp bij de vraag ‘wie’ of ‘wat’ ik wilde worden.’’ Het belangrijkste dat Virgil leerde bij de school was dat hij geen fouten kon maken, dit hielp voornamelijk bij het positief ontwikkelen van zijn zelfbeeld. ‘‘De ervaring bij IMC Weekendschool gaf mij perspectief’’, aldus Virgil.

Jeugdcriminaliteit
Toen Virgil uiteindelijk naar het Augustinus College ging, tegenwoordig bekend als het Bindelmeer college, kwam hij in een turbulente periode terecht. ‘‘Ik heb jeugdcriminaliteit van dichtbij mogen mee maken vanwege vrienden die daarin terecht kwamen”. Alle jongeren wilden ergens bij horen. Je wilde bijvoorbeeld dure kleding dragen, aandacht krijgen van meisje maar tegelijkertijd moest je er ook wat voor doen. Dit zorgde ervoor dat er animo was voor criminaliteit. Criminaliteit is een goede optie omdat het zich loont op korte termijn.’’ Virgil heeft echter nooit toegehapt, voornamelijk vanwege zijn strenge moeder die hem duidelijkheid, structuur en liefde aanbood. Hoewel deze ervaring ruim 17 jaar geleden plaatsvond voor Virgil, is dit voor veel jongeren in Zuidoost nog steeds een actueel beeld.

Meester Virgil
Als jongere die zelf van alles mee heeft gemaakt, ging Virgil op oudere leeftijd aan de slag als begeleider bij Cordaan. Hoewel hij dag in en dag uit jongeren hielp via zijn werk, veranderde alles toen hij in aanraking kwam met Moreno. Moreno had meer aandacht nodig en wilde na school ook samen met meester Virgil sporten. ‘‘Voor mij gebeurde wat magisch. Ik was ook buiten mijn werktijden om bezig met het bieden van perspectief aan de jongeren. Het waren simpele activiteiten zoals met elkaar sporten, maar steeds meer jongeren wilden zich aansluiten om met ons mee te doen.’’ Dit was voor Virgil het keerpunt om de stichting JDK op te richten. Virgil: ‘‘Ik voelde dat ik iets moest doen en er was nog geen plek speciaal voor deze jongeren.’’

Problematieken
In zijn werk komt Virgil regelmatig in contact met de huidige problematieken, ook uit eigen ervaring herkent hij ze. ‘‘Deze problemen waren er ook in mijn tijd, maar zijn toen niet juist aangepakt. Het is een olievlek die zich over de jaren heen is gaan verspreiden.’’ Virgil ziet de geschiedenis zich herhalen. Echter, leven de jongeren nu in een ‘internetwereld’ wat grotere gevolgen lijkt te hebben. ‘‘Tegenwoordig als jongeren andere jongeren beroven, filmen ze het. Vervolgens wordt de video online geplaatst en kan iedereen het zien. Slachtoffers worden op deze manier vernederd en voelen zich, om dit in de toekomst te voorkomen, genoodzaakt om henzelf te bewapenen.’’

Het feit dat jongeren zich bewapenen om geen slachtoffer te worden, is volgens Virgil niet het probleem van alleen Amsterdam Zuidoost. ‘‘Dit is een landelijk probleem. Het probleem moet daarom ook landelijk aangepakt worden. De problematiek vergt eerst een landelijke aanpak, daarna kan gekeken worden naar het stedelijk niveau. De eerste stap naar de oplossing is dat het probleem door de mensen in Den Haag wordt erkend.’’

In de tussentijd kan het probleem volgens Virgil wel verminderd worden door de inwoners van Zuidoost. ‘‘Bewoners moeten participeren en sociale controle uitvoeren. Vroeger was het heel normaal om iemand op straat aan te spreken als die zich niet gedraagt, tegenwoordig gebeurt dat niet meer.’’ Ook de media speelt een belangrijke rol en kan volgens Virgil bijdragen aan een oplossing.

Benieuwd naar al het werk van de stichting Jongeren Die Het Kunnen? Ga voor meer informatie naar www.jongerendiehetkunnen.nl.

Bijeenkomst Stichting Jongeren Die Het Kunnen.
Jongeren doen mee aan diverse sportactiviteiten.

Geef een reactie